logo
 

‘Komt een stervende bij de dokter…’


Soms ga ik zo op in het werk, dat ik even vergeet dat het bezig zijn met palliatieve zorg niet voor iedereen dagelijkse kost is. Dat is nog tot daaraan toe.

Maar om te moeten horen dat palliatieve zorg ook voor dokters een ver-van-hun-bed-show is, dat is even schrikken.

En toch is het zo.

Onlangs sprak ik voor het vakblad Pallium met iemand die al een jaar of 10, 15 betrokken is bij de opleidingen voor artsen. Als een bliksemschicht troffen me deze zinnen van haar: “Als ik kijk naar de opleiding van huisartsen, komen aspecten van palliatieve zorgverlening hooguit op twee of drie dagdelen aan de orde. ‘Euthanasie’ wordt in die opleidingsjaren in één middag behandeld, ‘pijn’ wordt behandeld als het over chronische zorg gaat (…). Aan de palliatieve términale zorg wordt helemaal mondjesmaat aandacht besteed.”

Het zette me weer even met beide benen op de grond.

Waar gaat hun opleiding dan wél over? Over curatieve zorg: de zorg die gericht is op genézing. En over ziektebeelden.

Palliatieve zorg, voor mensen die ongeneeslijk ziek zijn, is nog steeds – ondanks die tienduizenden Nederlanders die jaarlijks aan een ziekte overlijden – geen onderwerp voor de opleidingen. Huisartsen leren dus sporadisch iets over de begeleiding van deze mensen.

Ik vind het bizar.

Hou me ten goede: ik prijs de zegeningen van de curatieve zorg. Vorig jaar heb ik drie weken op sterven gelegen op een afdeling intensive care. Ik ben maar wat blij met beademingsmachines, niervervangende apparaten en andere high tech.

Maar desalniettemin vind ik de verhouding in aandacht voor curatieve versus palliatieve zorg merkwaardig scheef.

Arme artsen, denk ik dan.

Ik zie de film al komen: ‘Komt een stervende bij de dokter…’

 


Reacties

Er zijn geen reacties op dit bericht

> Geef uw reactie