logo
 

Dagboek van een Optimist

Carnaval, 3 februari 2006. Ik heb net de diagnose gekregen: borstkanker met uitzaaiingen naar de lever. En wacht op behandeling. 6 februari een aantal onderzoeken tegelijk, het CWZ (Canisius Wilhelmina Ziekenhuis) doet deze op een dag.

Kom maar op met die chemo! Ik heb geen andere opties maar jullie doktoren doen net of ik kan kiezen, terwijl jullie bepalen welke soort chemo ik krijg. En alternatieve geneeskunde is voor mij geen optie.

Oké, als ik echt mag kiezen: ik zou het liefst die chemokuur met de hormonen willen. Ik schijn hele vrolijke hormonen te hebben, die lijkt me wel wat. Daar is dat stukje weefsel uit de borst op onderzocht. Ik ben benieuwd of ik die dan ook krijg. O ja, en als jullie dan toch bezig zijn, graag ook die ijskap! Er bestaat al een jaar in Amerika een ijskap die ze gedurende de chemo op je hoofd zetten. Als de haarwortels gekoeld blijven, vallen namelijk de haren niet uit. Maar mocht die kap niet in dit ziekenhuis zijn, heb ik gewoon pech. Het zijn enkel haren maar als die kap er toch is, waarom zou ik die dan weigeren?

 

Alles opschrijven, zeggen ze. Alle vragen, maar ook hoe je je voelt moet je van je áfschrijven. Zouden ze echt willen dat ik mijn woede verwoord? Een heel boek vol vloeken lijkt me wel wat. Er schiet me ineens iets volkomen belachelijks binnen. Jan Wolkers zou zo’n boek echte kunst vinden. En het zou ook een dikke pil worden want ik ben ontzettend kwaad. Op alles en iedereen maar vooral en nog het meest op mijn eigen lichaam.

 

Pasen, april 2011

Nu is alles achter de rug, na twee keer de diagnose borstkanker te hebben gekregen. Twee keer, omdat het de eerste keer stabiel is gebleven, maar niet compleet weggegaan is. Drie jaar hebben de uitzaaiingen “stil gestaan”. Dan leef je met zo’n zwaard van Damocles boven je hoofd, wachtend wanneer het valt. Nou, drie jaar later dus… in 2009.

 

Maar ik heb het overleefd (zoals u leest.) Ik heb die kap achteraf ook niet kunnen gebruiken omdat dit ziekenhuis hem simpelweg niet in hun bezit had en stel dat een zo’n celletje toch bleef zitten omdat de kap de chemo hier tegenhield? Het stukje (biopsie), vertelde de artsen dat het hormonaalgevoelig was. En daar zeiden ze er heel lollig bij dat ze dan een heleboel kuren hadden.

 

En wat betreft dat vloeken: heb ik maar een weekend lang gedaan. Ik realiseerde me snel dat ik iets positiefs rond die ziekte wilde doen, maar wat? Als ik die periode door moest komen, nou, dan maar vol zelfspot en relativering, ik zou het luchtig houden, nam ik mezelf voor.

 

Maar weet je, ik wilde iets doen. Ik was er het type niet naar om in zak en as te zitten. Maar wat kon ik in godsnaam positief met dat bericht van die verschrikkelijke diagnose? Daar moest ik even diep over nadenken.

 

Na een tijdje heb ik mijn ervaringen als columns opgeschreven. Maar columns schrijven dat wilden er zoveel dus dat ging niet lukken. En ik ben echt alle uitgeverijen langs gegaan op internet. Wat schrijven wilde ik al zolang en schrijven zou ik!!

 

Vervolg in de volgende column. J

 

Marleen Mutsaers