logo
 

Kromgroei en FTTDV

Gisteren had verzorgende C. haar tweede dienst in het hospice. Samen hebben we twee van onze gasten verzorgd. Bij de overdracht na de volgende ploeg ontviel C. met een zucht: “Ik moet hier niet te vaak komen werken.”

Hoezo, vroeg ik. “Nou, het is hier zo mooi werken, je mag je tijd echt aan de gast geven en je hoeft niet de hele tijd op de klok te letten. Als ik morgen weer ergens in de wijk werk zou ik dat ook willen maar dat kan niet.”

Ander - en toch hetzelfde - onderwerp: een van onze gasten, de dementerende mevrouw I. moet volgende week weer weg. Zij kwam vanuit een tehuis voor licht dementerende mensen naar het hospice omdat ze een longontsteking had opgelopen en daarom een terminale indicatie kreeg. Mw. I. kan niet zelfstandig eten. Een verzorgende is dan gauw een half uur met haar bezig. En die tijd was er niet. Bij ons is Mw. I. - juist door de persoonlijke aandacht en tijd zo goed opgeknapt en bijgekomen dat ze nu niet meer terminaal is en dus naar een andere instelling moet verhuizen. Terug naar de oude plek kan niet, daarvoor heeft ze te veel aandacht nodig.

Krom is dat toch. In plaats van tijd als het hoogste goed draait het weer eens om geld. Voor wie heeft de marktwerking in de zorg uiteindelijk iets opgeleverd? Zeker niet voor de mensen die van persoonlijke zorg afhankelijk zijn. Moet je tegenwoordig eerst een terminale indicatie krijgen om aandachtige zorg te ontvangen? Door vrijwilligers dan, die voor een kopje koffie en een koekje werken? Krom.

Nee, het rad terugdraaien kan niet en ik ben absoluut geen aanhanger van de SGP. Heel vroeger was de zorg voor een naaste vanzelfsprekend een taak die door de familie of dan de kerk werd  ingevuld. Er kwam een - luxe - fase waar de overheid het zorg-scepter in handen naam en de thuiszorgenden georganiseerd en goed betaald werden. Toen de overheid besefte dat de zorg toch heel zwaar op de schatkist drukt, moest marktwerking voor verlichting zorgen. Nú zitten we in een fase waar geleidelijk de babyboomers in de zorgleeftijd komen - en de kosten voor de zorg centraal staan. Het ontbreekt niet aan gemotiveerde mensen die in de zorg zouden willen werken, het ontbreekt ook niet aan voldoende geld. Maar de verdeling van het geld is krom. Veel te veel blijft hangen in onoverzichtelijke managementstructuren en bezigheden buiten de kern om. Wat uiteindelijk bij de verzorgers terecht komt is bijna een aalmoes te noemen. Krom.

Hoe zou het zijn als al onze beleidmakers en politici een poosje zelf op aandachtige zorg aangewezen zouden zijn? Als ze de 'fictieve tijdelijke terminale dementie-virus', ik noem dit FTTDV, zouden oplopen en compleet afhankelijk worden? Natuurlijk zouden zij - na een terminale indicatie - in een van de hospices door de uitstekende zorg van de vrijwilligers weer helemaal genezen....

Zouden ze zich na hun genezing inzetten voor een ommezwaai in de zorg? Het lijkt mij een mooi, misschien wel krom, experiment!

Tot blogs!

Renate